
- Beschikbaarheid: Op voorraad
- Model: Victoria's naast altaar ESIS
Deze follis werd in 318–319 na Chr. geslagen in Siscia, het huidige Sisak in Kroatië. Constantijn de Grote deelde de macht toen nog met Licinius. Zijn portret met helm en kuras benadrukt zijn militaire gezag. Op de keerzijde houden twee Victoria’s, godinnen van de overwinning, samen een schild boven een altaar. VICTORIAE LAETAE PRINC PERP verkondigt de vreugdevolle overwinningen van de eeuwige vorst. VOT PR staat voor Vota Populi Romani: de geloften van het Romeinse volk voor het welzijn en voortbestaan van de keizer. De voorstelling verbindt militaire overwinning met de steun van het volk en de belofte van een stabiel bewind.
Denominatie:
AE Follis
Conditie:
Zeer Fraai
Formaat:
18 mm
Gewicht:
2,91 gram
Periode:
318-319 Na chr.
Muntplaats:
Siscia (Sisak Kroatie)
Muntsnede:
ESIS
Voorzijde:
IMP CONSTANTINVS PF AVG, Kop met helm, buste met kuras.Constantijn als Augustus.
Achterzijde:
VICTORIAE LAETAE PRINC PERP Twee victoria's boven altar houden schild vast met inscriptie VOT PR. Hulde aan de eeuwige vorst (Christus).
Referentie:
RIC VII 54
Interessante munt met gehelmde Constantijn. Deze munt is veel nagemaakt door de barbaren en de keerzijde kent veel interessante varianten. Ric noemt deze muntjes allemaal zeer zeldzaam. Eerlijkheid gebied te zeggen dat door vele opgravingen in Oost-Europa dit type minder zeldzaam geworden is. In 317 werd Siscia op Licinius veroverd. De gehelmde kop was wellicht een toespeling daarop en een waarschuwing dat Christus aan zijn kant stond.
Constantijn de Grote was de zoon van Constantius Chlorus die hem op zijn sterfbed in York tot Caesar uitriep (306 na chr.). In 307 werd hij Augustus. Hij was de eerste keizer die zich tot het christendom bekeerde. Dat deed hij na de slag bij de Milvische brug waarin Maxentius werd verslagen. Hij liet in de slag het christenteken (labarum) op de schilden van zijn manschappen schilderen en droeg daarna de overwinning op aan de christelijke god. In 324 werd hij alleenheerser, na Licinius verslagen te hebben in diverse veldslagen. In 337 stierf hij in Nicomedia.
.
ART. 17