
- Beschikbaarheid: Op voorraad
- Model: denarius L. Procilius Jupiter
Het geslacht Procilius kwam oorspronkelijk uit Lanuvium (Lanuvio) waar de godin Luna Sospitia (met geitenscalp) werd vereerd. De keerzijde was waarschijnlijk een standbeeld van de godin, zoals beschreven door Cicereo. Ze werd in 80 v.Chr. in Rome geslagen onder muntmeester L. Procilius. Op de voorzijde staat Jupiter met een lauwerkrans. De letters S C, afkorting van Senatus consulto, geven aan dat de uitgifte met toestemming van de senaat plaatsvond. Op de keerzijde staat Juno Sospita, ‘Juno de Beschermster’, die met geheven speer en schild naar rechts oprukt. Juno Sospita werd vooral vereerd in Lanuvium, een oude stad ten zuidoosten van Rome, waarmee de familie van Procilius vermoedelijk verbonden was. Zij verschijnt hier als een krijgshaftige beschermgodin, herkenbaar aan haar geitenhuid, speer en bijzondere schild. De slang aan haar voeten verwijst naar haar plaatselijke cultus: in haar heiligdom speelde een heilige slang een rol bij een jaarlijks ritueel, waarbij jonge vrouwen voedsel aan het dier aanboden. Aanvaarding van het offer gold als een gunstig voorteken voor de gemeenschap en de komende oogst.
Denominatie:
AR denarius
Conditie:
Zeer fraai, mooi getoond
Formaat:
17 mm
Gewicht:
3,52 gram
Periode:
80 Voor chr.
Muntplaats:
Rome
Muntsnede:
-.-
Voorzijde:
Kop van Jupiter naar rechts, S.C. daarachter (Senato Consulto = met toestemming van de senaat)
Achterzijde:
Juno sospita met speer en schild naar links, daarvoor een slang. L•PROCILI•F
Referentie:
Crawford 379/1; Sydenham 771; Procilia 1; RBW 1406.