
- Beschikbaarheid: Op voorraad
- Model: Fides militvm
De keerzijde FIDES MILITVM betekent ‘de trouw van de soldaten’. Fides, de personificatie van trouw en betrouwbaarheid, houdt twee militaire veldtekens vast. De voorstelling benadrukt de verbondenheid tussen de keizer en zijn leger: soldatentrouw was in deze onrustige periode de basis van keizerlijke macht. Bijzonder is de toeschrijving aan Mediolanum, het huidige Milaan. Dit type wordt traditioneel verbonden met Aureolus, een legeraanvoerder die tegen keizer Gallienus in opstand kwam en rond 268 n.Chr. munten in naam van Postumus liet slaan. De verwijzing naar soldatentrouw krijgt daarmee een politieke lading: zij moest steun voor Postumus uitdragen, terwijl Aureolus zelf juist van trouw was gewisseld. De opgegeven datering 260–269 betreft Postumus’ regering; bij deze toeschrijving past circa 268 beter.
Denominatie:
AR Antoninianus
Conditie:
ruim fraai
Formaat:
22 mm
Gewicht:
3,28 Gr
Periode:
260-269 Na chr.
Muntplaats:
Milaan
Muntsnede:
-.-
Voorzijde:
IMP C POSTVMVS PF AVG, buste naar rechts, gedrapeerd, kuras, stralenkroon. Postumus als Augustus. De gelukkige en vrome keizer.
Achterzijde:
FIDES MILITVM Fides met twee standaards. Trouw van het leger.
Referentie:
RIC 380
Postumus was een usurpator, iemand die zich keizer noemde zonder dat hij officieel benoemd was. In de latere periode van het Romeinse Rijk kwam dat vaak voor. Wat een leuk detail is van deze keizer, is dat hij mogelijk een Bataaf was, geboren in het huidige Diessen (Deusone). Op deze plek werd de locale god Hercules Deusoniensis vereerd, die ook weer terugkomt op munten van Postumus. Ook komt de god Hercules Magusanus voor op munten, die ook door de Bataven werd vereerd. Postumus was gouverneur van Germania Inferior en riep zichzelf later uit als keizer over Gallië. Hij was 9 jaar lang succesvol en zijn munten waren van een hogere zilverkwaliteit dat die van de rechtmatige keizer Gallienus. Postumus werd door zijn eigen troepen vermoord, omdat zij de stad Mogontiacum (Mainz) niet mochten plunderen, nadat een andere usurpator Laelianus daar was verslagen.